Covid-19 en de waarheid van het lijden

Iedere dag sterven er op de wereld een heleboel mensen. Dat was voor de Covid-19 pandemie al zo, dat is zo tijdens de pandemie, en dat zal ook zo zijn na de pandemie, maar de aandacht die nu uitgaat naar onze stervende medemensen is vrij uniek te noemen. Hoe gruwelijk moet het zijn om naar adem happend, in eenzaamheid, verstoken van familie een soort van verstikkingsdood te sterven. Hoe wreed is het om niet bij je geliefde die stervende is te kunnen zijn.


Wij doen er alles aan om het aantal slachtoffers te beperken. Iedere dag verschijnen er cijfers van het aantal zieken en gestorvenen in de krant. En iedere dag wordt er minitieus verslag gedaan van onze strijd tegen de pandemie. Er wordt uitgebreid gediscussieerd, of de maatregelen die we nemen wel de juiste zijn. Ademloos volgen we de wetenschappelijke wapenwedloop die moet leiden tot meer kennis over onze nieuwe vijand, en die moet leiden tot het antibioticum en het vaccin tegen het virus.


Door de beschermingsmaatregelen die genomen zijn, kunnen we onze normale activiteiten die ons doorgaans zoveel genoegens verschaffen niet meer of in slechts beperkte uitvoeren. Geen feestjes, geen uitstapjes, geen concerten en evenementen, geen sport, weinig vertier en vermaak. Sociaal isolement (voor de één wat meer dan voor de ander), het gemis van vrienden, contact met collega's, geliefden en dierbaren die elkaar niet kunnen ontmoeten en/of kunnen aanraken. Dit is social distancing all the way all the time down, om gek van te worden.


Door de pandemie staan onze levens wereldwijd plotsklap bijna volledig in het teken van het lijden en de dood. Voor het rijke en welvarende deel van de wereld is dit een radicale omkering. Normaliter zijn we gericht op zoveel mogelijk genieten, leuke dingen doen, minder leuke dingen zoveeel mogelijk uit de weg gaan of ze via een omweg toch zo aangenaam mogelijk maken, almaar zoeken naar geluk, nog meer geluk, het ultieme geluk. We houden ons bezig met het verwerven van van alles, kennis en vaardigheden (om ons te helpen gelukkiger te worden), een mooi uiterlijk, de sportschool, de beautysalon, een mooi huis, twee auto's, een leuke hobby, een interessante vriendenkring, respect van je collega's, lof van je baas, een uitmuntende sportprestatie, een leuke vrouw of man en kinderen, het perfecte plaatje op de social media, verre reizen. En nu is veel niet meer mogelijk of door je sociaal isolement niet meer leuk en belangrijk. Met grof geweld is het virus de andere kant van onze leuke leven binnengedendert, namelijk de kant van het lijden, de ellende, de verveling, de zinloosheid.


Als liefhebber van de boeddhistische filosofie en psychologie moet ik dan onwillekeurig denken aan het leven van de jonge Boeddha, Prins Gautema. De eerste waarheid van de boeddhistische leer is de waarheid van het lijden. Het boeddhisme vraagt ons niets als waar aan te nemen maar alles zelf te ondetrzoeken en onze eigen conclusies te trekken. Die eerste boeddhistische waarheid wordt ons nu ten gevolge van de pandemie wel even flink ingepeperd. Wij situeren ons leven het liefst aan het hof van de jonge Prins Gautema. Dit koninklijke hof van zijn vader, een koning van een groot Indiaas Rijk, is zorgvuldig vrijgemaakt van alle verwijzingen naar dood en verderf. Alles wat de prins hoeft te doen is te genieten van de schoonheid en de geneugten van het leven. Zo laat de koning zijn zoon opgroeien met de illusie dat leed niet bestaat. Een illusie die ook nu nog zeer populaire is. Als de prins in de buitenwereld met het leed, de andere kant van het bestaan, wordt geconfronteerd is dat een grote schok voor hem Hij ziet dat het lijden een onvermijdelijk onderdeel vorm van het leven. Deze schokkende ontdekking zet hem op het pad naar verlichting ofwel het pad dat leidt naar de bevrijding van het leed.


Onze levens lijken in een aantal opzichten wel een beetje op die van prins Gautema. De omstandigheden zijn wat minder koninklijk, maar zo goed en kwaad als het ons lukt proberen we ons leven te richten op alle mooie dingen, proberen we zoveel mogelijk te genieten, terwijl het leed en alle lelijke dingen zoveel mogelijk buiten de deur worden gehouden. En als dat niet zo goed lukt, dan richten we onze ongenoegens op de buitenwereld: de malafide politici, de slechte rijken, incompetente dokters, de klimaatproblematiek, de vluchtelingen, BN'ers die vreemdgaan, de dood van een ster, de aanslag in een ver land, etc. Zo ervaren we wel leed, maar vooral als iets wat buiten ons staat.


Maar de pandemie is anders. Alsof we met zijn allen uit het paleis van prins Gautema worden gegooid. De pandemie maakt ons leiden opeens heel groot, tastbaar, nabij, collectief, individueel en persoonlijk tegelijkertijd. Natuurlijk lijden we ook zonder pandemie. Onze geboorte was pijnlijk, het verlies van onze innige band met onze moeder deed pijn, de afwijzing van onze vader deed pijn, we voelen ons eenzaam, krijgen te maken met ziektes, voelen ons onzeker over wie we zijn, hebben liefdesverdriet, verliezen dierbaren, zitten allemaal in een proces van oud, lelijk en ziek worden, we zullen sterven. De waarheid van het lijden ervaren we allemaal. Maar waar we normaal onze ogen sluiten voor deze ongemakkelijke waarheid, drukt de pandemie ons met de neus op de feiten.

Maar er is ook nog iets heel merkwaardig aan de hand. De mensheid is in het verleden vaak geteisterd door pandemieën, oorlogen en natuurrampen, maar nu is het alsof we de ongemakkelijke waarheid van het lijden krijgen voorgeschoteld op een gouden bord, we mogen niet meer in het paleis wonen maar er nog wel spelen. Eigenlijk heeft Covid-19 ook een heel vriendelijk karakter. Als we gezond en sterk zijn dan kan het virus ons wel besmetten, maar zullen we hoogstwaarschijnlijk niet zo heel ziek worden. Dus als we niet in die kleine risicogroep vallen van oud, zwak en onderliggend lijden, dan hoeven wij nu niet opeens panisch en angstig te worden over de naderende dood. Dat was ten tijde van de Spaanse griep of één van de pest-epidemieën wel anders.


Natuurlijk worden we in onze bewegingsvrijheid beperkt. Maar ik kan bijvoorbeeld gewoon in mijn gerieflijk huisje verder leven, genieten in mijn tuin, omringd door boeken, gitaar, met de zekerheid dat de overheid mij helpt met gratis geld, geen schaarste want alles is nog te koop, omringd door apparaatjes, die ervoor zorgen dat ik volop contact kan onderhouden met de buitenwereld, waardoor social distancing wel een zeer betrekkelijk gegeven is.

Ik kan dus met enige beperkingen gewoon doorgaan met mijn eigen kleine gerieflijke leventje. Sterker nog: ik ben als zzp'er tijdelijk verlost van de ratrace om mijn inkomsten bij elkaar te scharrelen, ik ben even vrij van allerlei lastige sociale contacten, ik kan mij wijden aan het lezen van boeken, nadenken, filosoferen, blogs schrijven, gitaar spelen, interessante series op Netflix bekijken. Er is weinig haast, er is weinig moeten, er is voldoende tijd om je te verdiepen, tijd om een fatsoenlijk en weloverwogen commentaar te schrijven op een Facebook-bericht of een mooi Instagram filmpje te maken met een goede tekst erbij. Ik heb bovendien meer tijd en rust om te mediteren en yoga te doen. En ik heb mijn werkzaamheden als gitaarleraar en optredend artiest nog eens goed onder de loep genomen, en voel weer nieuwe inspiratie.


Voor sommigen is het virus wreed, het zou lomp zijn om dat te vergeten. Maar voor velen is het virus buitengewoon vriendelijk en zachtmoedig. Alhoewel we zoveel mogelijk binnen moeten blijven, mogen de meesten van ons gewoon in het paleis van prins Gautema blijven spelen. Wel worden ze op indringende manier herinnerd aan de eerste waarheid van het lijden. Maar ze mogen zelf weten wat ze ermee doen. Zo'n zachtmoedige les heeft de mensheid nog maar zelden gehad.



Ruud Post 

Coaching en Inspiratieblog

Ontvang mijn blogs

Mail: rupost@hotmail.com

Mobiel : 0634413344

Eindhoven 

Ruud als  gitarist en gitaarleraar 

www.ruudpost.com